Verslag studienamiddag 1 april 2022 : De milieumagistraat: van Chinees vrijwilliger naar specialist?

(16-05-2022)

foto1 MilieumagistraatOp vrijdag  1 april 2022 organiseerde het Centrum voor Milieu- en Energierecht van de Universiteit Gent een conferentie over een statuut voor rechters en procureurs die milieuzaken behandelen. We werkten hiervoor samen met het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding (IGO), het EU Forum of Judges for the Environment (EUFJE) en het Tijdschrift voor Milieurecht.

Na een uiteenzetting over het toenemend aantal milieurechtbanken wereldwijd, kwam een Franse magistrate toelichten hoe in Frankrijk recent 36 milieurechtbanken werden gecreëerd.

Daarna volgde een toelichting over de specialisatie in het milieurecht bij de bestuursrechters (Raad voor Vergunningsbetwistingen en Raad van State).

We sloten de conferentie af met een debat tussen parlementsleden, magistraten, advocaten en politie, gemodereerd door Liesbeth Indeherberge (VRT).

U kan de presentaties en het debat (vanaf 2 uur, 25 minuten) hier herbekijken.

De perstekst en presentaties vindt u hier:

Prof. Em. Dr. L. LAVRYSEN, Toenemende specialisatie van rechtbanken in het milieurecht op mondiaal vlak: tendensen

Bestuursrechter K. DE ROO, Specialisatie in het milieurecht bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen en het Handhavingscollege

Staatsraad P. LEFRANC, Specialisatie in het milieurecht bij de Raad van State

Jan VAN DEN BERGHE, Ondervoorzitter Rechtbank van Eerste Aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, Naar een statuut voor milieumagistraten

De studienamiddag werd bijgewoond door een 100-tal milieujuristen uit de praktijk (advocaten, academici, FOD Justitie, magistraten, ambtenaren).

Resultaat debat

Tijdens het debat bleek onder de panelleden en deelnemers consensus te bestaan over de volgende punten:

  1. Gelet op de complexiteit en techniciteit van het milieurecht is er nood aan specialisatie in het milieurecht van de parketmagistraten en rechters van de gewone hoven en rechtbanken.
  1. “Milieu” moet ruim gedefinieerd worden en kan zowel het milieuhygiënerecht, milieubeheersrecht, ruimtelijke ordening, onroerend erfgoed, dierenwelzijn, woonkwaliteit, voedselveiligheid,… omvatten.
  1. Er is sprake van een momentum om deze specialisatie wettelijk te verankeren gezien dit opgenomen is in het regeerakkoord en in de beleidsverklaring van de Minister van Justitie, het positief advies van het College van Procureurs-Generaal en last but not least, gelet op toenemende internationale[1] en Europeesrechtelijke verplichtingen[2] van België.
  1. Waar de strafrechters in sommige provincies in Vlaanderen al gespecialiseerd zijn in het milieurecht is er nog een grote nood aan specialisatie van rechters in Brussel en Wallonië; en van burgerlijke rechters in het algemeen o.m. bij de behandeling milieustakingsvorderingen die vaak urgent zijn en over grote economische en milieubelangen
  1. 186 Ger. W. dat toelaat om zaakverdelingsreglementen aan te nemen waarbij 1 afdeling wordt aangeduid voor het behandelen van milieuzaken is een stap in de goede richting, maar de bepaling is facultatief. Dit leidt tot een ongelijke implementatie overheen het grondgebied en dus een gebrek aan rechtszekerheid en verschillende behandeling van rechtszoekenden en bedrijven naargelang hun milieudossier voorkomt in de ene of de andere provincie (bijv. in Oost-Vlaanderen en Limburg is er nog geen zaakverdeling voor milieu). Hetzelfde geldt voor initiatieven van vrijwillige specialisatie in enkele hoven, maar niet alle hoven van beroep (bijv. Mons). Het probleem met vrijwillige specialisatie is dat de rechtscolleges niet verplicht zijn om gespecialiseerde kamers in te richten en deze dus op elk ogenblik met één pennetrek kunnen worden afgeschaft of andere zaken kunnen toebedeeld krijgen, volgens de prioriteiten van het moment of van de korpsoversten. Specialisatie kan alleen structureel en op lange termijn gewaarbord worden als zij in de wet verankerd en verplicht is.
  1. Men is voorstander van het concentreren van milieuzaken bij 1 afdeling per provincie, waarbij er een team is van minstens 2 burgerlijke rechters, 2 strafrechters en 1 onderzoeksrechter gespecialiseerd in milieuzaken die overleg kunnen plegen en elkaar kunnen vervangen.
  1. De precieze modaliteiten van de wettelijke verankering van specialisatie kunnen verder onderzocht worden. Dit hoeft niet zozeer via een attest of vaste benoeming (art. 58bis, 1° Ger.W.) maar kan een bijzonder ambt zijn (art. 58bis, 4° Ger.W.) zoals voor de familierechter en beslagrechter[3].
  2. Een wettelijk statuut biedt meer zekerheid en standvastigheid en zou toelaten om in elke provincie voldoende gespecialiseerde en gemotiveerde milieurechters aan te trekken die uitzicht krijgen op de mogelijkheid om gedurende een voldoende lange termijn de functie uit te oefenen en om daarin ook carrière te maken wanneer dergelijke specialisatie voorzien wordt op zowel het niveau van eerste aanleg als dat van hoger beroep. Zij hebben dan ook de garantie dat wanneer zij investeren in het volgen van voortgezette opleiding in het milieurecht, zij ook – en bij voorkeur enkel – milieudossiers te behandelen zullen krijgen. Specialisatie en opleiding moeten immers samen gaan[4].
  1. Een bijkomende voorwaarde is natuurlijk dat er voldoende capaciteit wordt voorzien voor de milieuafdelingen, net als voor alle andere actoren van de milieuhandhavingsketen. Wanneer er geen Openbaar Ministerie is dat zich kan toeleggen op de milieudossiers, zal de milieurechter geen zaken toebedeeld krijgen. Wanneer de politie en inspectie onderbemand zijn, dan zullen er geen milieudossiers tot bij het gerecht geraken en blijven milieumisdrijven onder de radar. Milieucriminaliteit is is haalcriminaliteit gericht op het besparen of genereren van aanzienlijke illegale vermogensvoordelen[5]. Bij succesvolle vervolging kan de verbeurdverklaring van deze illegale vermogensvoordelen de kost voor Justitie aan middelen en mankracht ruimschoots compenseren.
  2. Met een wettelijke verankering van specialisatie in het milieurecht bij de gewone hoven en rechtbanken geeft de wetgever aan dat milieu en duurzame ontwikkeling prioriteiten zijn.

Contactpersoon: Farah Bouquelle, praktijkassistent milieurecht Universiteit Gent, coördinator EU Forum of Judges for the Environment, farah.bouquelle@ugent.be

[1] Art. 9 Verdrag van Aarhus over toegang tot de rechter in milieuzaken.

[2] Na een doorlichting van de milieuhandhaving in 2019 heeft de Raad van de EU (https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-14065-2019-INIT/en/pdf) België in mei 2020 aangemaand om specialisatie van rechters of rechtbanken binnen de bestaande structuren wettelijk te verankeren. Zo kan de milieuwetgeving beter gehandhaafd worden en het milieu en de natuur beter beschermd en hersteld worden. Ook diende een mandaat met verplichte opleiding te worden ingericht zoals dat al jaren bestaat voor bijvoorbeeld jeugdrechters, onderzoeksrechters, familierechters, arbeidsrechters of fiscale rechters.
Het voorstel van Richtlijn van 15 december 2021 tot vervanging van Richtlijn 2008/99 betreffende de bescherming van het milieu door het strafrecht (“Milieustrafrichtlijn” of “Ecocrime richtlijn”)[2] voorziet in zijn artikelen 16, 17 en 20 de verplichting voor de Lidstaten om voldoende personeel, financiële, technische en technologische middelen te voorzien voor zij die milieucriminaliteit opsporen, vervolgen en berechten. Zij zullen specialisatie van alle actoren van de handhavingsketen (politie, inspectie, Openbaar Ministerie en rechters) moeten bevorderen, regelmatig gespecialiseerde opleidingen organiseren en een nationale strategie voorleggen in dit verband die elke 5 jaar geëvalueerd zal worden.
Ook de Resolutie van het Europees Parlement van 20 mei 2021 over de aansprakelijkheid van bedrijven voor milieuschade (2020/2027(INI) verzoekt de Lidstaten meer middelen uit te trekken en in te zetten op specialisatie en training van alle actoren in de milieuhandhaving.

[3] Zie ook de slides van rechter Jan Van den Berghe met concrete voorstellen tot aanpassingen aan het Gerechtelijk Wetboek.

[4] C. Billiet (ed.), Sanctioning Environmental Crime (WG 4). Final report. Key observations and recommendations 2016-2020, p. 36.

[5] Milieucriminaliteit zou jaarlijks een globaal economisch verlies veroorzaken van naar schatting 91-259 biljoen USD en komt daarmee op de vierde plaats na drugs, namaak en mensenhandel.

foto2 Milieumagistraat

foto3 Milieumagistraat