Onderzoeksprojecten

Lopende Onderzoeksprojecten

 Onderwijs

1. De leraar Lichamelijke Opvoeding als motiverende coach: Het ontwikkelen van een online evidence-based opleidingsaanbod voor leraren Lichamelijke Opvoeding

Leraren Lichamelijke Opvoeding die een motiverende stijl hanteren zullen de autonome motivatie van leerlingen aanwakkeren en kunnen zo een actieve levensstijl bevorderen. Voorgaand onderzoek toonde aan dat leraren Lichamelijke Opvoeding hun motiverende stijl kunnen optimaliseren naar aanleiding van een 1-dag durende workshop. In het huidige project wensen we te onderzoeken of we leraren kunnen trainen in een meer motiverende stijl via een evidence-based online leeromgeving (https://vobserver.sportamundi.com/) waarin leraren

  • een gevalideerde vragenlijst invullen om hun eigen motiverende stijl te bepalen,
  • reflecteren over hun eigen lessen aan de hand van video-beelden
  • hun motiverende stijl verbeteren door gebruik te maken van concrete motiverende strategieën.

Contact: Arne Bouten en Nele Van Doren

2. Het ontwikkelen van effectieve professionele ondersteuning voor startende leraren lichamelijke opvoeding

Startende leraren Lichamelijke Opvoeding (LO) worden snel aan verschillende uitdagingen blootgesteld zoals klasmanagement, omgaan met opstandig gedrag van de leerlingen, communicatie met ouders, samenwerken met collega’s, stress en werkdruk etc. Deze uitdagingen leiden tot een hoog percentage van startende leraren secundair onderwijs die binnen de eerste vijf jaar stoppen met lesgeven. Er is meer onderzoek nodig naar deze vroegtijdige drop-out, een hedendaagse,
maatschappelijke zorg. Studies naar de oorzaken, de noden en een effectieve begeleiding bij startende leraren LO ontbreekt eveneens. Bovendien is de rol van de lesgeefstijl (motiverend vs demotiverend lesgeven) van startende leraren in deze problematiek nog onvoldoende onderzocht.
In het huidige project hebben we als algemene doelstelling om de (de)motiverende lesgeefstijlen van de startende leraren LO in kaart te brengen en te optimaliseren. Dit willen we bereiken door:

  • de specifieke noden van de startende leraren LO te onderzoeken
  • de verschillen na te gaan tussen de startende en meer ervaren leraren LO op vlak van (de)motiverende lesgeefstijlen en de antecedenten ervan
  • het ontwikkelen van een begeleidingstraject voor startende leraren LO; (4) de effecten en appreciatie nagaan van een evidence-based begeleidingstraject bij startende leraren LO.

Contact: Silke Hellebaut


3. Aan de slag met ondersteunende rollen in de les Lichamelijke Opvoeding in het basisonderwijs in Nederland.

In Nederland wordt het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs vormgegeven aan de hand van twee kerndoelen.

  • Leren bewegen: De leerlingen leren op een verantwoorde manier deelnemen aan de omringende bewegingscultuur en leren de hoofdbeginselen van de belangrijkste bewegings- en spelvormen ervaren en uitvoeren
  • Bewegen leren regelen: De leerlingen leren samen met anderen op een respectvolle manier aan bewegingsactiviteiten deelnemen, afspraken maken over het reguleren daarvan, de eigen bewegingsmogelijkheden inschatten en daarmee bij activiteiten rekening houden. Voor deze laatste werden 9 reguleringsdoelen opgesteld. Echter, hoe docenten dit concreet moeten aanpakken, hoe kinderen dit ervaren en wat dit vervolgens doet met de persoonlijke en sociale ontwikkeling in de les LO, is tot dusver onduidelijk.

Het project heeft drie doelstellingen:

  • een review met betrekking tot de beschikbare wetenschappelijke evidentie als het gaat over persoonlijke en sociale ontwikkeling van basisschoolkinderen via Lichamelijke Opvoeding en Sport
  • meten hoe gymdocenten die als expert worden gezien (op het gebied van leren regelen) bewegen leren regelen en implementeren in hun huidige praktijk
  • ontwikkeling van een wetenschappelijk onderbouwd vormingstraject voor gymdocenten zodat ze bewegen leren regelen efficiënter kunnen realiseren in hun dagdagelijkse klaspraktijk.

Contact: Katrijn Opstoel
Relevante publicaties:

  • Opstoel, K, Chapelle, L, Prins, F, De Meester, A, Haerens, L, van Tartwijk, J, De Martelaer K. (2019). Personal and social development in physical education: a review study. European Physical Education Review. Early online access. (https://doi.org/10.1177/1356336x19882054)
  • Haerens, L., Permentier, V., Tallir, I., Verstraete, S., Vonderlynck, V. (2017). Inspireren en bewegen. Aan de slag met ondersteunende rollen in de les Lichamelijke Opvoeding. Acco (link: https://lib.ugent.be/nl/catalog/rug01:002372168?i=0&q=ondersteunende+rollen)

4. ‘Help, mijn ouders en leerkrachten zetten mij onder druk!’ Een onderzoek naar de antecedenten en gevolgen van de manier waarop adolescenten omgaan met controlerend gedrag

Ouders en leerkrachten spelen een belangrijke rol in de motivatie, betrokkenheid en welzijn van jongeren. Vanuit de Zelf-Determinatietheorie toont onderzoek aan dat een controlerende stijl leidt tot tal van negatieve uitkomsten. Minder onderzoek focust op de actieve rol die jongeren hierin spelen.
Dit project legt hierbij de focus op hoe adolescenten omgaan met druk van ouders of leerkrachten:

  • Ten eerste willen we nagaan waarom adolescenten verschillend reageren wanneer ze geconfronteerd worden met een controlerende ouder of leerkracht. Hierbij wordt gekeken naar de rol van het temperament van de jongere en de mate waarin de thuisomgeving autonomie-ondersteunend is.
  • Ten tweede gaan we de gevolgen van verschillende coping strategieën na. Meer bepaald vragen we ons af of de negatieve effecten van een controlerende stijl minder uitgesproken zijn wanneer jongeren adaptieve copingstrategie hanteren, en of deze uitvergroot worden wanneer jongeren maladaptieve copingstrategieën hanteren.

Contact: Nele Flamant
Relevante publicaties:

  • Flamant, N., Haerens, L., Mabbe, E., Vansteenkiste, M., & Soenens, B. (2020). How do adolescents deal with intrusive parenting? The role of coping with psychologically controlling parenting in internalizing and externalizing problems. Journal of Adolescence, 200–212.
    https://doi.org/10.1016/j.adolescence.2020.09.003

5. Vakdidactisch onderzoek: Het stimuleren (door coöperatief leren) en meten van sociaalrelationele competenties binnen de vakken economie en lichamelijke opvoeding in het secundair onderwijs

Op 17 januari 2018 keurde het Vlaams parlement het kaderdecreet goed waarin de contouren van de nieuwe eindtermen secundair onderwijs opgenomen zijn. Eén van de uitgangspunten van het nieuwe kaderdecreet is dat het onderscheid tussen de te bereiken vakgebonden eindtermen (vb. wiskunde, Nederlands, economie, lichamelijke opvoeding) en de na te streven vakoverschrijdende eindtermen (vb. lichamelijke gezondheid & veiligheid) is opgeheven. Zowel de vakgebonden als vakoverschrijdende eindtermen behoren nu tot de sleutelcompetenties die moeten behaald worden. De term inhoudsgebonden competenties verwijst naar vakgebonden eindtermen (vb. economische en financiële competenties). De term transversale competenties betreft de vakoverschrijdende eindtermen (vb. sociaal-relationele competenties). Een tweede uitgangspunt is dat de sleutelcompetenties niet vastgehaakt worden aan bepaalde vakken. Het zijn de schoolbesturen die de verbinding maken tussen de sleutelcompetenties en de vak-clusters. Tot slot stelt het decreet dat de transversale eindtermen steeds in samenhang met inhoudsgebonden eindtermen moeten gerealiseerd worden. Binnen de educatieve masteropleiding is het bijgevolg essentieel dat toekomstige leraren de juiste pedagogische omstandigheden kunnen creëren waarbij inhoudsgebonden en transversale competenties in samenhang gestimuleerd en geëvalueerd kunnen worden.
In dit doctoraatsonderzoek willen wij onderzoeken of we via de werkvorm van samenwerkend leren de inhoudsgebonden en transversale sociaal-relationele competenties in samenhang kunnen realiseren en evalueren. Dit doen we binnen twee vakken:

  • (Bedrijfs)economie
  • Lichamelijke Opvoeding.

Om deze doelstelling te realiseren worden volgende subdoelen vooropgesteld:

  • voor het vak (Bedrijfs)economie een evidence-based lessenpakket te ontwikkelen dat gestoeld is op de werkvorm samenwerkend leren en dat toelaat om inhoudsgebonden en transversale competenties in samenhang te realiseren;
  • het ontwikkelen van vakspecifieke ((Bedrijfs)economie en Lichamelijke Opvoeding) evaluatiemethoden voor het evalueren van de sociaal-relationele competenties van leerlingen in het secundair onderwijs;
  • het ontwikkelen van een valide en betrouwbaar meetinstrument om de sociaal-relationele competenties vakoverschrijdend in kaart te brengen;
  • zowel binnen (Bedrijfs)economie als Lichamelijke Opvoeding te onderzoeken wat de effecten zijn van samenwerkend leren op de realisatie van inhoudsgebonden en sociaal-relationele competenties.

Contact: Amelie Vanhove


6. Motiverend evalueren: Onderzoek naar het aanbieden van keuzes binnen evaluatiemomenten in het economie onderwijs

Evaluatie binnen theorievakken zoals economie kan leiden tot negatieve gevoelens zoals bijv. testangst en demotivatie. Dit onderzoek heeft als doel om deze negatieve gevoelens aan te pakken door middel van een alternatieve evaluatievorm nl. het aanbieden van keuze tussen (toets)vragen. Leerlingen of studenten kunnen een beperkt aantal vragen op een toets beantwoorden. Dit onderzoek gaat na of het aanbieden van keuze tussen (toets)vragen de testangst van studenten kan verlagen en wat de verklarende mechanismen zijn van de (mogelijke) invloed van de keuze op testangst.
Contact: Stefanie De Jonge


Sport

1. “Iedereen is een winnaar": leidt overschatting van de eigen mogelijkheden uiteindelijk tot dropout uit de sport?

Fysieke inactiviteit is een van de belangrijkste gezondheidsrisico’s in verband met de wereldwijde epidemie van zwaarlijvigheid en chronische ziekten zoals diabetes en hartaandoeningen. Het toenemend aantal jongeren en kinderen die niet aan sport doen is ontmoedigend. Het is daarom van essentieel belang om meer inzicht te krijgen in de onderliggende factoren die uitval uit de sport veroorzaken. Uit onderzoek blijkt dat het beeld dat kinderen hebben van hun motorische vaardigheden een belangrijke rol speelt. Het huidige project onderzoekt dan ook

  • de rol van overschatting van iemands persoonlijke motorische competentie bij het voorspellen van persistentie in, versus drop-out uit de sport
  • de psychologische en contextuele voorlopers van deze overschatting.

Contact: Jullie Galle


2. Als jeugdsportcoaches hun eigenwaarde laten afhangen van de prestaties van hun atleten: een onderzoek naar de relatie met een controlerende coachstijl.

Een controlerende coachstijl kan het beste vermeden worden, aangezien het gepaard gaat met een aantal negatieve gevolgen voor sporters, waaronder een verminderd welbevinden, minder sportplezier en meer drop-out. Indien we willen voorkomen dat jeugdcoaches zo’n controlerende coachstijl hanteren, is het belangrijk om zicht te krijgen op de antecedenten ervan. In dit project wordt onderzocht of de mate van controlerend coachen afhangt van de neiging van coaches om hun eigenwaarde te laten afhangen van de successen en het falen van hun atleten.
In een reeks studies wordt bovendien de rol nagegaan van:

  • een sportklimaat dat druk uitoefent op coaches
  • zwakke atleetprestaties in het voorspellen van dergelijke fragiele eigenwaarde en een controlerende coachstijl.

Contact: Sofie Morbée
Relevante publicaties:

  • Morbée, S., Vansteenkiste, M., Aelterman, N., & Haerens, L. (2020). Why Do Sport Coaches Adopt a Controlling Coaching Style? The Role of an Evaluative Context and Psychological Need Frustration. The Sport Psychologist, 1(aop), 1-10 (https://doi.org/10.1123/tsp.2018-0197)
  • Morbée, J., Haerens, L., Waterschoot, J., & Vansteenkiste, M. (in revision). Which Cyclists Manage to Cope with the Corona Crisis in a Resilient Way? The Role of Motivational Profiles.
    International Journal of Sports and Exercise Psychology (https://doi.org/10.1080/1612197X.2021.1940241)
  • De Muynck*, G. J., Morbée*, S., Soenens, B., Haerens, L., Vermeulen, O., Vande Broek, G., & Vansteenkiste, M. (2020). Do both coaches and parents contribute to youth soccer players’
    motivation and engagement? An examination of their unique (de) motivating roles. International Journal of Sport and Exercise Psychology, 1-19. (https://doi.org/10.1080/1612197x.2020.1739111)


3. Bidirectionele invloeden in coach-atleet relaties en team dynamieken

Bij het sporten vindt er een wederzijdse uitwisseling en beïnvloeding plaats tussen coaches en atleten.
In sportpsychologisch onderzoek wordt er echter niet altijd rekening gehouden met het bidirectionele karakter van de relatie tussen coaches en atleten of coaches en teams wanneer er relationele constructen worden onderzocht. In dit project zullen we daarom verschillende statistische modellen toepassen op en aanpassen aan de sportcontext zodat de bidirectionele wisselwerking tussen coaches en atleten of coaches en teams beter in kaart kan worden gebracht. Hierbij zullen we focussen op het welzijn van sporters en coaches, hun behoeftebevrediging en -frustratie, de passie die ze ervaren voor sporten of coachen en een aantal andere sportrelevante concepten.
Contact: Marieke Fonteyn


4. Effectiviteit van sportclubs: identificeren en versterken van essentiële managementprocessen en bestuursstijlen

Veel sportclubs hebben problemen die hun bestaan bedreigen zoals een daling van het aantal trainers, vrijwilligers en leden, en een afname van de financiële draagkracht. Deze problemen zijn deels te wijten aan veranderingen in de externe omgeving zoals dalende subsidies, demografische veranderingen en de concurrentie van commercial organisaties. Er zijn echter ook processen die de bestuursleden, die (eind)verantwoordelijk zijn voor de clubwerking, zelf in handen kunnen nemen om de clubwerking te versterken. Dit project focust specifiek op managementprocessen en de hierbij gehanteerde motiverende bestuursstijl. Hiervoor baseert het project zich op (respectievelijk) het Competing Values Framework (Quin & Rohrbaugh, 1981) en Self-Determination Theory (SDT; Deci & Ryan, 2000).
Het project heeft drie doelstellingen:

  • De eerste doelstelling is om effectieve managementprocessen en motiverende bestuursstijlen te identificeren.
  • De tweede doelstelling is om een interventie te ontwikkelen en te evalueren, die het versterken van de effectieve managementprocessen en motiverende bestuursstijl beoogt.
  • De derde doelstelling is om het effect van deze interventie op de clubwerking, de gedragingen en attitudes van belanghebbenden zoals coaches, vrijwilligers en leden, en het menselijk en financieel kapitaal van de sportclub te onderzoeken.

Contact: Tom De Clerck
Meer informatie: https://www.clubgrade.be/
Relevante publicaties:

  • De Clerck, T., Willem, A., Aelterman, N., & Haerens, L. (2019). Volunteers Managing Volunteers: The Role of Volunteer Board Members’ Motivating and Demotivating Style in Relation to Volunteers’ Motives to Stay Volunteer. VOLUNTAS: International Journal of Voluntary and Nonprofit Organizations, 1-14. (https://doi.org/10.1007/s11266-019-00177-6)
  • De Clerck, T., Aelterman, N., Haerens, L., & Willem, A. (2020). Enhancing volunteers capacity in all‐volunteer nonprofit organizations: The role of volunteer leaders' reliance on effective management processes and (de) motivating leadership. Nonprofit Management and Leadership. (https://doi.org/10.1002/nml.21444)

5. Morele identiteit van sporters en personeel

Corruptie en fraude vormen een grote bedreiging voor de sport zelf en voor de betrokkenen. Om dit probleem tegen te gaan, beoogt het PrOFS-onderzoeksproject het probleem op verschillende niveaus en domeinen te onderzoeken. Op individueel niveau wordt Morele Identiteit bestudeerd als een beschermende buffer tegen de uitvoering van een veelheid aan illegale en immorele bedoelingen en gedragingen. Door de combinatie van surveys en veldexperimenten zal de relatie tussen Morele Identiteit en immoreel handelen in de sportsector worden verduidelijkt. Een einddoel is het ontwikkelen en evalueren van een prototype van een Workshop Morele Educatie voor spelers, coaches, managers en bestuursleden om te informeren over de effectieve implementatie van standaarden en om te trainen hoe frauduleus gedrag te herkennen en erop te reageren.
Contact: Tassilo Tissot


6. De motiverende stijl van professionals verbeteren: Naar een complexe en dynamische systeembenadering (Moti-StyleS-port)

De motiverende stijl van leraren lichamelijke opvoeding en bewegingsprofessionals beïnvloedt onder andere de fysieke activiteit en de uitval in sport in hun doelgroepen. Daarnaast toonde onderzoek aan dat een autonomie-ondersteunende stijl resulteert in meer gunstige resultaten dan een controlerende stijl. Hoewel het mogelijk is om van stijl te veranderen, schiet de huidige onderzoeksliteratuur tekort hoe dit efficiënt en duurzaam kan worden gedaan. Dit project onderzoekt dan ook hoe de training van (bewegings-)professionals kan worden verbeterd om hun motiverende stijl te verbeteren. Hierbij wordt onderzocht welke paden (bewegings-)professionals volgen om hun motiverende stijl te veranderen, en hoe haalbare en acceptabele zowel face-to-face als online trainingen zijn.
Contact: Melina Puolamäki, Elina Renko en Matti Heino (Universiteit Helsinki - Faculteit Sociale Wetenschappen, Sociale Psychologie)
Relevante publicaties:

  • Hankonen, N., Heino, M., Araujo-Soares, V., Sniehotta, F.F., Sund, R., Vasankari, T., Absetz, P., Borodulin, K., Uutela, A., Lintunen, T., & Haukkala, A. (2016). “Let’s Move It” – a school-based multilevel intervention to increase physical activity and reduce sedentary behaviour among older adolescents in vocational secondary schools: Study protocol for a cluster-randomized trial. BMC Public Health, 16 (1), 451. https://doi.org/10.1186/s12889-016-3094-x

Gezondheid

1. Meer effectief en continu werkplekleren in de gezondheidszorgopleidingen door het optimaliseren van competentie ontwikkeling?

Om hoogstaande patiëntenzorg te garanderen, is de opleiding tot kwalitatieve gezondheidszorgprofessionals essentieel. Binnen deze opleidingen spendeert de student een groot deel van zijn tijd op de werkplek om zijn/haar competenties te ontwikkelen. Ook na afstuderen is het onderhouden en verbeteren van deze competenties cruciaal. Om optimaal te ontwikkelen, is er continuïteit nodig doorheen de opleiding én nadien. Bovenop het huidige gebrek aan continuïteit,
ontbreekt ook de overeenkomst tussen verschillende opleidingen waardoor interprofessionele samenwerking bemoeilijkt wordt. Om deze problemen op te lossen, zijn alle stakeholders belangrijk.
Het betrekken van alle belangrijke stakeholders in de ontwikkeling van de opleiding(en) ontbreekt vaak. Dit project focust op de competentie ontwikkeling in de algemene gezondheidszorg, zowel voor afstuderen als na afstuderen, waarbij enkele hulpmiddelen voor de optimalisatie van de competentie ontwikkeling onderzocht worden (bv. ePortfolio, competentiekaders, feedback-ondersteunende tool).
Contact: Oona Janssens


Gerealiseerde projecten

1. Motiverend evalueren in een les Lichamelijke Opvoeding: Het effect van het stellen van doelen en het geven van op groei-gerichte feedback op de motivatie voor Lichamelijke Opvoeding

Het geven van prestatie cijfers in de Lichamelijke Opvoeding (LO) heeft vaak een negatief effect op de zelf-waargenomen competentie, waardoor leerlingen mogelijkerwijs minder autonome vormen van motivatie (Ryan & Weinstein, 2009) en gevoelens van angst (McDonald, 2001) zullen ervaren. Andere aspecten van evalueren, namelijk het stellen van doelen en het geven van op groei gerichte feedback, worden verondersteld ervoor te zorgen dat leerlingen zullen groeien in hun zelf-waargenomen gevoelens van competentie en autonome motivatie voor de les LO. Het stellen van doelen en het geven van op groei gerichte feedback staan bekend als twee sleutel strategieën van ‘assessment for learning’ (AfL; assessment met als doel om leerlingen inzicht te bieden in hun leerproces waardoor ze de kloof tussen het bereikte niveau en het beoogde einddoel zo goed mogelijk kunnen overbruggen). In dit project worden twee theoretische kaders aan elkaar gekoppeld: Assessment for learning en ZelfDeterminatie Theorie (Deci & Ryan, 2000).

De algemene doelstelling van dit project is om de effecten van verschillende vormen en kwaliteitsaspecten van assessment op de motivatie van leerlingen in de les Lichamelijke Opvoeding te onderzoeken. Een eerste doelstelling van dit onderzoek is om inzicht te krijgen in individuele veranderingen in de ontwikkeling van zelf-waargenomen competentie, motivatie en angst bij leerlingen tijdens het assessmentproces. De tweede doelstelling is het op basis van die inzichten
(experimenteel) testen van de impact van verschillende motiverende assessmentstrategieën.
Meer info: Christa Krijgsman